Carla de Rooij is kunstenares en woont in Duivendrecht. Haar credo: ‘Less is More’. “Ik gebruik het liefst zo min mogelijk lijnen om een verhaal te vertellen.” Vorige kandidaat Jan van Deudekom vraagt haar: waar haal jij je inspiratie vandaan?
Het interview vindt plaats in het atelier van Carla. In de hoek een schildersezel met twee kleine schilderijen. “Deze vlinders heb ik met fluorescerende verf geschilderd.” Er staan potten vol penselen en de tubes verf liggen netjes bij elkaar. In de boekenkast diverse kunstboeken ter inspiratie, en boven de kast hangen twee vrij recente werken: ‘Gevangen in een gouden kooi’ en ‘Bootvluchtelingen’.
Wanneer ben je met het schilderen begonnen?
“Op mijn vijftigste, toen had ik tijd voor mezelf, en we hadden een kamer in het huis vrij. In het Dorpshuis van Duivendrecht heb ik lessen gevolgd bij kunstenares Anne de Groot. Ik ben echt bij de basis begonnen: huisje, boompje, beestje. En perspectief leren toepassen.”
Ben je altijd creatief geweest?
“Ja, ik zou eigenlijk naar de Kunstacademie gaan. Mijn ouders vonden dat echter geen goed idee. Ik ben geboren in 1944, de hongerwinter. ‘Je gaat absoluut geen blote mannen en vrouwen schilderen,’ zei mijn vader.”
Vond je dat niet jammer?
“Natuurlijk maar het heeft zo moeten zijn. Het was een andere tijd. Later kreeg ik wel de smaak te pakken.”
Hoe is jouw stijl veranderd door de jaren heen?
“Ik ben begonnen, net als iedereen, met landschappen. Maar dat boeide me niet zo. Ik wil verhalen vertellen met mijn schilderijen, mensen raken en aan het denken zetten. Jaren geleden zag ik in Tsjechië een expositie met werk van de Oostenrijkse schilder Egon Schiele. Dat raakte me, ik had nog nooit zoiets gezien.” Ze pakt een boek over de kunstenaar erbij. “Kijk, met slechts een aantal lijnen vertelt hij een verhaal. Dat wilde ik ook. Vanaf dat moment ben ik tierlantijnen gaan weglaten. Ik wil met zo min mogelijk lijnen iets vertellen. Hoe ouder ik word, hoe sterker dat gevoel. Less is More, is mijn credo.”
Waar haal jij je inspiratie vandaan?
“Dat kan van alles zijn. Maar omdat ik graag verhalen wil vertellen, haal ik mijn inspiratie uit maatschappelijke problemen of situaties die ik zelf meemaak. Dit schilderij, de Bootvluchtelingen, is gebaseerd op de bootvluchtelingen op Lampedusa. Te zien is een vrouw op een paard, die haar hoofd heeft afgewend van een leeg bootje, alsof ze de ellende niet wil zien. Daarnaast hangt ‘Gevangen in een gouden kooi’. De vrouw staat met haar rug in de hoek van een kamer, achter gouden tralies. De ruimte tussen de spijlen is zo groot dat het lijkt alsof ze eruit kan stappen. Dit werk gaat over alle ballen die een vrouw in de lucht moet houden, alle verwachtingen waaraan ze moet voldoen. Het gaat over een vrouw die ik ken, ze is gescheiden van een rijke man. Hij heeft haar met al zijn geld nog steeds in zijn greep. Mijn meest recente werk gaat over de coronacrisis: ‘Wie helpt jou als je zorg nodig hebt’. Te zien is een oudere man en een zorgrobot. Ik vraag me af: zijn er in de toekomst voldoende zorgverleners of wordt hun werk overgenomen door robots? Dat is iets wat me zorgen baart. Het is nu te zien als onderdeel van de ZomerSalon Royaal 2020 tentoonstelling De Toekomst van het Centrum Beeldende Kunst in Amsterdam-Zuidoost.”
Zijn er situaties in je persoonlijke leven die tot schilderijen hebben geleid?
“Dit schilderij heb ik gemaakt naar aanleiding van ons vijftigjarig huwelijk. Te zien zijn een man en vrouw die naast elkaar zitten. Je kijkt ze op de rug. Op het eerste oog een liefdevol tafereel, maar je kunt hun gezichten niet zien. Het zou ook kunnen dat ze verdrietig zijn en elkaar troosten. De eerste blik zegt niet altijd alles. Een ander schilderij gaat over de scheiding van mijn dochter. Hij had een ander. Het schilderij laat een man zien die als het ware flierefluitend door het leven gaat, en een vrouw die helemaal stuk zit. De schuine lijn symboliseert het verdriet van mijn dochter, het leven dat bergafwaarts gaat. Het leven is hard. Het duurde jaren voordat ik dit schilderij kon maken. Het spreekt mensen aan, ik krijg altijd veel reacties op dit schilderij. Net als op Bootvluchtelingen en Gevangen in een gouden kooi.”
Welke schilders bewonder je naast Schiele nog meer?
“Roy Lichtenstein, hij werkt ook met lijnen. En Corneille. De Oude Meesters zijn niet zo aan mij besteed.”
Waar ben je het meest trots op?
“Op het schilderij “Licht Anton de Kom” (CBK prijs ZomerSalon Royaal 2019 thema de Bijlmer), te zien tot en met 22 augustus 2020 op een banner aan de gevel van het Bijlmer Sportcentrum tegenover de ingang van het CBK. Het schilderij is aangekocht door de kunstuitleen van het CBK. Dat kunnen mensen lenen of kopen.”
Wie nodig je uit voor het volgende gesprek?
“Gerda de Kruif, vrijwilligster van de Zonnebloem (afdeling Duivendrecht). Ze is al jaren een lieve, enthousiaste en betrokken vrijwilligster. Ik wil haar vragen: hoe ben je er toe gekomen om vrijwilligster bij de Zonnebloem te worden?” Carla’s werk is te zien op www.carladerooij-art.jouwweb.nl.
Naomi Heidinga


















