Dennis en Chantal Pals staan een keer per week met hun broodkraam in Duivendrecht. De andere vijf dagen staan ze in Amsterdam, op de Albert Cuyp. Vorige kandidaat Belinda van den Heiden vraagt hen: hoe gaat het met jullie zaak?
De broodkraam van het tweetal is elke dinsdag op het Dorpsplein te vinden. De kraam zorgt voor wat leven in de brouwerij, op het anders stille plein. Op een druilige dinsdagmiddag staat er een aantal mensen bij de kraam te kletsen. “We hebben onze grootste fan uitgenodigd,” grapt Chantal.
Sinds wanneer staan jullie met de kraam in Duivendrecht?
“Sinds oktober vorig jaar. Het was een spannende keuze, we wisten van te voren niet of het zou gaan werken. Maar we zijn heel tevreden. Ik ben hier geboren en getogen,” aldus Chantal. “Dus ik ken het dorp. We twijfelden of het verstandig was, een kraam in je woonplaats. De mensen reageren echter heel enthousiast.”
Waarom hebben jullie deze keuze gemaakt?
“Sinds de coronauitbraak vorig jaar maart is de Albert Cuypmarkt niet meer hetzelfde. Vooral in het begin was het heel rustig. Wij mochten blijven staan omdat we etenswaar verkopen, maar veel collega’s met non food items moesten thuisblijven. Toeristen bleven weg. Wel kwamen er meer mensen uit de Pijp zelf, die tijdens een wandelingetje door de wijk ons tegen kwamen. Qua omzet waren het slechte maanden. Dus we waren aan het kijken naar andere mogelijkheden. Hier in Duivendrecht konden we een dag per week staan. Ook het feit dat er geen bakker meer is in het dorp speelde mee in de afweging.”
Hoe zijn jullie die eerste coronamaanden doorgekomen?
“Omdat er meer mensen uit de wijk zelf kwamen, hadden we andere gesprekken. Dat was leuk. En het heeft nieuwe klanten opgeleverd, die trouw blijven komen.”
Men heeft weleens kritiek op de Albert Cuyp – het aanbod zou teveel op toeristen worden gericht. Hoe kijken jullie hiernaar?
“Het is maar net wat je wilt zien. Er wordt bijvoorbeeld geklaagd over het aantal stroopwafelverkooppunten. Dat zijn er zes, van in de totaal tweehonderdveertig kramen. Zijn dat er veel? Ik vind het wel meevallen.”
In hoeverre verschilt het werk hier van het werken in Amsterdam?
“De werkdag in Duivendrecht is langer. Ik moet ’s ochtends eerst de kar ophalen van de Albert Cuyp. Dat doe ik om half zeven. En ’s avonds moet ie weer terug. Op de Albert Cuyp staat alles klaar en beginnen we om acht uur.”
Waarom de keuze voor brood?
“Dennis is al heel lang marktkoopman. Hiervoor hadden we een verse frietkraam. Die moest vanwege omstandigheden weg. Op de Albert Cuyp hadden ze plek voor een broodkraam. Omdat Dennis al zolang staat ingeschreven, kregen wij als eerste de kans om zo’n kraam te beginnen.”
Dat lijkt me best lastig, een product verkopen dat relatief nieuw voor je is..
“Het was een kwestie van een goede bakker vinden, waarmee we wilden samen werken. Die hebben we gevonden in de Haarlemse bakker. De kwaliteit van de producten is goed, en ze zijn lekker. We kiezen de producten die we verkopen heel bewust uit. Naast het brood verkopen we bijvoorbeeld hartige taartjes van Pieman Bakery. Ze zien er prachtig uit en smaken goed!”
Wat maakt het vak van marktkoopman zo aantrekkelijk?
“De vrijheid. Je bent eigen baas. Elk uurtje dat je erin stopt, is voor jezelf. En als je eens een dag geen zin hebt, dan ga je niet. Niet dat dat ooit voorkomt. Alleen als het in de winter echt koud is, het hard regent en waait, dan willen we weleens overslaan. Soms wordt door zulke omstandigheden de markt afgezegd.”
Hoe reageren de mensen op jullie kraam?
“Men is heel enthousiast. Ze zijn blij dat er meer leven is op het plein. Het geeft mensen ook even de kans om een praatje met elkaar te maken. Het is heel gezellig.”
Wie nodigen jullie uit voor het volgende gesprek?
“Ray Semmoh van de voetbalschool. We willen hem vragen: wat zijn je ideeën voor het nieuwe seizoen?”
Naomi Heidinga
















